ARC

Archaeological Research & Consultancy

Materiaalspecialisten 

Voor een groot aantal artefacten (door mensenhand vervaardigde voorwerpen van bijvoorbeeld aardewerk, vuursteen of metaal) geldt dat elke archeologische periode en cultuur haar eigen vormen en kenmerken heeft. Aan de hand van de maakwijze, de vorm en versiering kunnen specialisten vaak al aan een fragment zien hoe oud het voorwerp is, hoe het is gemaakt en welke functie het had. Andere specialisten bestuderen de leefomgeving en voedseleconomie aan de hand van dierlijk botmateriaal en botanische resten. Ook de mensen zelf worden bestudeerd: dit is het werk van de fysisch antropoloog.

 

Aardewerk en keramisch materiaal

Sinds de Midden-Steentijd wordt klei al als grondstof gebruikt voor aardewerk. Elke periode en cultuur heeft aan aardewerk eigen, specifieke kenmerken meegegeven. Op basis van van de maakwijze, de vorm en versiering zijn voor aardewerk typo-chronologieën gemaakt. Aan de hand van een scherf van aardewerk kunnen de specialisten vaak al een datering geven, vertellen hoe het is gemaakt en welke functie het heeft gehad. Naast potten werden ook andere voorwerpen van klei gemaakt, bijvoorbeeld speelgoed, weefgewichten, mallen en kleipijpen. Klei heeft niet alleen gediend als grondstof voor aardewerk: in het verleden is klei ook gebruikt om bouwmateriaal van te maken.



 

Archeobotanie

Archeobotanie omvat het onderzoek van botanisch materiaal uit (of in relatie tot) archeologische opgravingen. Daarbij zijn drie vondstgroepen te onderscheiden: botanische macroresten (zaden, vruchten en dergelijke), pollen en hout/houtskool. Archeobotanische resten geven een beeld van de leefomgeving en het milieu van onze voorouders. Het onderzoek levert daardoor een belangrijke bijdrage aan de beschrijving van landschapsreconstructie.


 

 Archeozoölogie

Archeozoölogie bestudeert aan de hand van dierlijke resten de relatie tussen mens en dier in het verleden. Het onderzochte dierlijk materiaal (botmateriaal, schelpen, hoorn en/of resten van het exoskelet van ongewervelden) is afkomstig uit archeologische opgravingen. Aan de hand van het materiaal kunnen bijvoorbeeld voedselpatronen worden vastgesteld en kan worden bepaald of een bepaalde diersoort voor het vlees of voor zuivel werd gehouden. Het primaire doel van het onderzoek is om de voedseleconomie in het verleden van de mens te reconstrueren.


Fysische antropologie

De mens zelf staat centraal in de studie van de fysisch antropoloog. De fysische antropologie richt zich op het beantwoorden van vragen over demografische en culturele aspecten van bevolkingsgroepen uit het verleden op basis van bij archeologische opgravingen aangetroffen menselijk botmateriaal. Aan de hand van menselijke skeletresten kan onder meer worden afgeleid van welk geslacht de persoon was, op welke leeftijd de persoon is overleden en welke aandoeningen hij of zij al dan niet heeft gehad. 


 

Metaal, slakken en sintels

Door archeologisch metaalonderzoek kan inzicht worden verkregen in de productie, de bewerking en het gebruik van metaal binnen een archeologische nederzetting. Metaalonderzoek kan hiermee een bijdrage leveren aan het interpreteren van de occupatie- en/of gebruiksgeschiedenis van een archeologische vindplaats.

Metalen voorwerpen geven een aanwijzing bij dateringen, maar door corrosie zijn de voorwerpen aangetast. De metaalspecialisten zijn bekend met de processen van productie, bewerking en verwerking. Slakken en sintels worden ook door metaalspecialisten bestudeerd, want deze leveren kennis op van de productie en bewerking van het metaal. 

   

Textiel en leer

Leer wordt als sinds de prehistorie gebruikt als grondstof voor kleding, schoenen en gebruiksvoorwerpen. Leervondsten zijn zeldzaam en zeer kwetsbaar. Onderzoek naar leer kan uitwijzen van welk dier het leer afkomstig is, waarvoor het leer is gebruikt en hoe het leren voorwerp is gemaakt. Ook textiel wordt zelden aangetroffen en is kwetsbaar. Onderzoek naar textiel wijst uit waarvan het textiel is gemaakt, waarvoor het textiel gebruikt is en hoe het textiel is gemaakt. Onderzoek naar textiel kan de kleding uit een periode reconstrueren.

Vuursteen en natuursteen

Natuursteen is vanaf het vroegste begin door mensen gebruikt voor diverse doeleinden. In de steentijd speelde natuursteen een belangrijke rol bij de bewerking van vuursteen, bij de fabricage van pijlen en tevens bij het bereiden van eten. In het Neolithicum wordt dit gebruik uitgebreid met stenen bijlen en steengruis voor de magering van aardewerk. De invoering van metaal in de bronstijd resulteerde in nieuwe toepassingen voor bestaande typen stenen werktuigen. Veel van de stenen werktuigtypen die bekend zijn uit archeologische context, worden vandaag de dag nog steeds gebruikt.


Vuursteen vormt een van de belangrijkste, zo niet de belangrijkste, grondstoffen in het dagelijks gebruik in de Steentijd. Zo was vuursteen onder andere een essentieel onderdeel in de pijlbewapening, het snijden van vlees en planten, het bewerken van huiden en hout, en het kappen van bomen.

Bestudering van het bij een opgraving aangetroffen vuur- en natuursteen kan informatie geven over de datering van een vindplaats, het herleiden van plaatsgevonden activiteiten en daarmee het type vindplaats, en het analyseren en interpreteren waar deze verschillende activiteiten hebben plaatsgevonden.

 


Specialisten fysische geografie

De fysisch geografen van ARC houden zich naast archeologische prospectie (bureau- en booronderzoek) bezig met landschappelijke vraagstukken bij proefsleuvenonderzoek en definitieve opgravingen. Door het bestuderen van de profielwanden van opgravingsputten schetsen zij een beeld van het natuurlijke landschap tijdens de verschillende aangetroffen bewoningsfasen. Dit vergroot het inzicht in de leefwijze van oude culturen.

 

 

Specialisten conservering en restauratie 

Het conserveren en eventueel restaureren van vondstmateriaal is belangrijk, want op deze manier blijft de informatie over het verleden in stand. Bij conservering wordt voorzichtig te werk gegaan. Tijdens het archeologisch veldonderzoek spelen de specialisten conservering al een rol om het vondstmateriaal zo goed mogelijk te bergen en te bewaren. Kwetsbare materialen, zoals hout, leer, textiel, metaal en aardewerk hebben allemaal hun eigen manier van behandelen. Wanneer de vondsten zijn geborgen worden deze gereinigd en gestabiliseerd. In sommige gevallen wordt er besloten materiaal te restaureren, bijvoorbeeld aardewerk. Wanneer er van een artefact veel scherven worden gevonden, worden deze weer tot een geheel samengevoegd, ontbrekende delen kunnen worden aangevuld. Eventueel kunnen deze objecten na restauratie geplaatst worden in musea en exposities. 

 

 

Resultaten specialisten

De resultaten van de specialisten worden geïntegreerd in de rapportage van het totale project. In het geval van een specialistisch onderzoek wordt apart verslag uitgebracht.

Voor het aanvragen van een offerte, klik hier!  

Waarom ARC?

Specialisten

ARC beschikt over een groot aantal specialisten. Deze specialisten spelen een grote rol in het uitwerken van onze archeologische projecten, maar op aanvraag kunnen deze specialisten in opdracht werken voor derden. 

Voor het aanvragen van een offerte, klik hier!