ARC

Archaeological Research & Consultancy

Archeologie

De mens is altijd gefascineerd geweest door het verleden. Of het nu gaat om grafheuvels of middeleeuwse kastelen, boeken, vuursteenbijlen of een Romeinse helm, het verleden spreekt tot de verbeelding. Aan de hand van deze overblijfselen, ons culturele erfgoed, kunnen verhalen worden verteld en kan het verleden worden gereconstrueerd. Ook dat wat we niet kunnen zien speelt hierbij een belangrijke rol: onze bodem zit vol met voorwerpen en structuren uit het verleden. Deze archeologische resten -het bodemarchief- zijn een onmisbare bron van informatie voor de wetenschapper en de leek. Daarom is het bodemarchief bij wet beschermd.

 

Wetgeving 

Op 1 september 2007 is de  Wet op de Archeologische Monumentenzorg geïmplementeerd. Deze wet komt voort uit het Verdrag van Valletta (Malta), het Europese verdrag uit 1992, waarin afspraken zijn geformuleerd die het bodemarchief moeten beschermen. Eén van de belangrijkste aspecten van de nieuwe wet is dat, voorafgaand aan bodemverstorende ingrepen, de verplichting bestaat het plangebied te laten onderzoeken op archeologische waarden. Uitgangspunt is hierbij dat het archeologisch onderzoek wordt betaald door de verstoorder van de bodem. In de praktijk verandert er na de invoering van de nieuwe wet niet zo veel, omdat al jaren in ‘de geest van Malta' wordt gewerkt.

 

 Archeologisch traject

ARC biedt advies en draagt praktische oplossingen aan om het archeolo- gische traject zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Het archeologisch onderzoek kan bestaan uit verschillende fasen. Het is niet zo dat in alle gevallen grote opgravingen nodig zijn. Het onderzoek begint met een bureau-onderzoek, waarin wordt vastgesteld of er al dan niet archeologisch waardevolle resten in het plangebied zijn te verwachten. Een booronderzoek bepaalt of er concrete aanwijzingen in de bodem zijn van archeologische resten. Blijkt uit het bureau- en booronderzoek dat er archeologische resten aanwezig zijn, dan volgt een proefsleuvenonderzoek. Dit onderzoek geeft een inzicht in de omvang, de aard en de datering van de vindplaats. Als het plangebied een hoge archeologische waarde heeft, en behoud in situ niet mogelijk is, dan wordt het onderzoek afgerond met een opgraving van het plangebied.

 

Waarom ARC?

De archeologische perioden

 

Paleolithicum        

   ...-8800 v.Chr.

Mesolithicum   

   8800-5300 v.Chr.

Neolithicum     

   5300-1900 v. Chr.

Bronstijd           

   1900-800 v.Chr.

IJzertijd                

   800-12 v.Chr.

Romeinse Tijd    

   12-400 n.Chr.

Middeleeuwen  

   400-1500 n.Chr.

Nieuwe Tijd      

   1500-...